dinsdag 10 januari 2017

Over storm op zee, stevige steun en een afwijkende vorm van verstelbaarheid

De vreemdste titel ooit, vindt u niet? Ik verklaar me nader, want hij opent een relatief kort bericht maar vat veel samen. Een ode aan de vriendschap, deze tas. Er ging een jaar voorbij dat bewogen was en tegelijk kroop. Eentje dat, zonder in detail te treden, misschien niet het meest sprankelende uit mijn levensloop was. De zee was woelig en de golven dichtbij en voelbaar. 

Maar ik woonde gelukkig niet in een bootje. Mijn huis had misschien wel wat kieren waar de tocht doorheen kwam, maar het stond op een aantal onverwoestbaar sterke palen. Vriendin Anneke was/is er daar een van. Wat begon als 'de mama van een kindje van de klas', werd een onmisbare vaste waarde. Dat klinkt behoorlijk lyrisch, maar dat mag ook wel eens. Soms is het mooi als lyriek de enige manier is om de droge waarheid mee te geven. Het prille begin van onze communicatie handelde over het feit dat haar kleuterzoon en mijn kleuterdochter zich waagden aan enige tentoonspreiding der doorgaans tot de persoonlijke levenssfeer behorende lichamelijke onderdelen, nu een jaar of vijf geleden. Dat blijft een plezant verhaal om nog eens boven te halen als zij kleuters hebben en wij rimpels, het verhaal van in de opvang in de bosjes. Maar dat tweetal is - hoewel nog steeds dikke vrienden - al lang niet meer de enige gespreksfocus.

Een tas dus. Een woelig jaar verklaart ook deels waarom dit verjaardagscadeau niet bepaald binnen de aanvaardbare tweewekennorm bij de jarige belandde. Want die at taart op een moment dat de zon even warm was als de kaarsjes. In tijden van 'noodgedwongen traag' had het idee tijd nodig om te rijpen. Op zich is het anders een eenvoudig model. Hoofdbestanddeel is blauw kurkleer, een accentje in bamboe met goud.


De tas is van het type 'ruim genoeg voor een A4-map en een brooddoos'. Materiaal om mee naar het werk te nemen dus. Ik voorzag een sluiting met rits bovenaan, omdat ik een open tas toch altijd wat tricky vind als je er je hele hebben en waardevolle houwen in mee vervoert op een plaats waar een paar duizend man per dag manoeuvreert.


Aan de binnenkant wat aardigheden voor de georganiseerde vrouw. Binnenzakjes - eentje op portefeuilleformaat en eentje op zakdoekjesformaat - en een sleutellint. En een plek voor de fitnesskaart, dat ook. Want wij tateren in erg diverse etablissementen, niet alleen op plekken waar men cava serveert.



De tas heeft geen zijnaden: al het blauwe kurkleer bestaat uit 1 lap. Ze is wel doorstikt op de zijkanten, maar dat heeft te maken met een ietwat bijzondere eigenschap.


Ik vond dat een tas van dit formaat om een verstelbare schouderriem vroeg. Maar ik had slechts 1 schuifriem in huis. En die was zilverkleurig. En het kurkleer bevatte goud. Zoals altijd groeien mijn materiaalvoorzieningen traag mee met het groeien van het plan: de deadline naderde, geen tijd meer dus om bij Mieke een exemplaar in de juiste kleur te bestellen.

Dus zoals dat vaak gaat: drempels voor je voeten leiden tot nieuwe oplossingen. Ik moest en ik zou, dus ik ging voor 'inwendige verstelbaarheid'. De bron der schouderriem ontspringt aan de voeringkant. Waar ik kon leven met zilver, want er zit ook al een zilveren sleutelhaak. Vervolgens meandert hij zich een weg doorheen de tas...


... om er op elegante wijze doorheen het kurkleer aan de buitenkant weer uit te komen. Verstelbaar van rechte schouderdraaglengte tot schuine schouderdraaglengte, en aan de buitenkant slechts een lus tassenband zichtbaar. Mooimooi, vond ik dat.


Het ritszakje vooraan is exact berekend op de afmetingen van Annekes telefoon. Duim dus mee dat die niet in de soep valt voor deze tas het begeeft.



En dat zal volgens mij niet snel gebeuren! Ik krijg wel eens de vraag hoe een bepaald ontwerp of materiaal er uitziet na een tijdje gebruiken. En dus zing ik vandaag het lof der kurkleer. Ongesponsord, gewoon uit vrolijk enthousiasme, voor wie het zich afvroeg.


Zannes boekentas, in dagelijks gebruik sinds september, ziet er werkelijk nog als nieuw uit. Ik zag ze in de opvang in het rek naast gekochte exemplaren van klasgenootjes staan en stond versteld van de mate van ontbinding waarin sommige van haar makkers verkeerden. (De schooltassen, niet de klasgenootjes). Enkel voor het handvat zou ik misschien een donkerder materiaal aanraden, daar hebben we wat last van vette pootjes. Maar voor de rest heb ik vanaf nu mijn antwoord klaar als men mij nog eens vraagt: "krijg je dat wel stevig genoeg, en welk materiaal kies ik best voor een zelfgemaakte boekentas?"



Eén lofzang dus, aan het begin van dit nieuwe jaar. Lof der kurkleer, lof der vrienschap. Vol moed en hoop en met een lading houten latjes om de kieren van mijn huis dicht te spijkeren. Als mijn naaimachine weer op volle toeren draait, vind ik vast ook moed om een gordijn te stikken tegen de tocht. We zien wel wat te tijd brengt, en aan welk tempo we met de tijd mee gaan. Maar er bestaat alvast geen storm die mijn steun kan doen wankelen.

zaterdag 31 december 2016

Een blinkende start

Ik wuif het jaar uit met genoeg sparkles om alvast een heel eind 2017 in te blinken!

Lotte Martens hoef ik wellicht niet meer te introduceren. Als haar werk hier de revue passeert, dan zit er steevast bling in mijn keuzes, ga maar na. Naast mooie lappen stof bestaan er nu ook kleinere aardigheidjes: DIY pakketten met een lapje stof en instructies om jezelf of je huis te versieren. Ik ging aan de slag met een Flying Sparkles pakketje, dat eigenlijk is bedoeld om een slinger te maken, zoals Eva je laat zien. 

Maar dat draaide hier een tikje anders uit. Want ik kreeg er ook nog een lint bij, koperroze met zwarte driehoekjes. En je kan véél met een lint in nepleer, een niet-rafelende stof en een ochtend die om 4 a.m. start. Waar insomnia al niet goed voor is: om 6 uur had ik een hele collectie bij elkaar en was een schep daglicht het enige ontbrekende element in het verhaal. En ook dat kwam met wat geduld in orde.

Ik begon met twee covers voor mijn 'melkflesvaasjes', waarvan ik er ooit eens vier in de kringwinkel vond. De takken kersenbloesem staat intussen twee dagen warm en we zien de eerste bloempjes.


Mister miniplant stond er wat kleintjes naast te wezen, dus die kreeg de rol van vlaggendrager.


Niemand zegt dat jasjes voor tools even lelijk moeten zijn als de tools zelf. Kan je raden voor wie ik deze slaapzak stikte, zonder naar de volgende foto te kijken?


Voor mijn stofschaar! Voor de achterkant van het zakje gebruikte ik een restje zwart blinkend leder.


Voor het versieren van je huis en van jezelf, zei ik. 


Met wat leersnippers in lichtroze en zwart en een stukje van het lint is mijn feestoutfit voor vanavond klaar. (Al mis ik precies nog een little black dress, vindt u ook niet?)



Nog meer snippers werden allerlei tags en sleutelhangers. Lijkt me heel vindbaar als ik naar mijn sleutels rommel in de diepten van een donkere handtas.




Toen haalde ik de lijm boven: je hoeft helemaal niet te kunnen naaien om met dat mooie materiaal aan de slag te gaan. Mijn lapje werd kleiner en kleiner, maar ik liet geen centimeter onbenut. Ik diepte wat houten rondjes en sterke magneten uit mijn lade - een restje van Zannes doopsuiker - en maakte de meest onfotografeerbare magneten ever.



Over naar de categorie snippers: te mooi om de was op te hangen, dus ik gebruik deze wasspelden voor de tekeningen van de dochters.


En de miniversie werkt prima voor mooie kaartjes van lieve mensen.


Oh ja, ik zou het bijna vergeten! Het was een slingerpakketje. Dus ik maakte dan toch ook een slingertje.


Ik wens jullie allemaal een topjaar, waarin je mag stralen van geluk of blinken van trots...


... of helemaal warm van mag worden!



Lotte Martens Winterblogtour 2016
Flying sparkles Hebe
Lint TRIM poppy flower coreo roze

zaterdag 17 december 2016

Wat mooi is zit binnenin: een winters verhaal

Kijk, de winter is welkom! U kunt het niet voelen dus u zult het van me moeten aannemen: dit is de warmste jas ooit. 

Het was een proces van lange adem. Zo'n lange adem dat ik hier wat dwaas zit te grijnzen naar mijn scherm, maar niet veel woorden verzonnen krijg. En dat overkomt me niet zo vaak. Ik ben content, ja. Dat vat zowat alles samen.


Ik besliste pas dat ik wat meer aan selfish sewing wil doen. De kasten van de dochters puilen uit. Of beter: de kast, want een week geleden bereikten we het historische moment waarbij de metingen twee keer exact 127,6 cm opleverden en er dus onmogelijk sprake kan zijn van een kledingstuk dat slechts een kind past. Als we wat bijblijven met de was, is er van kledingschaarste in de meisjeskast geen sprake.

U voelt al de overgang naar mijn eigen kast. Ik ken vriendinnen die nu op het puntje van hun stoel zitten, de vuisten gebald voor een onmiddellijke aanval mocht ik het wagen om te schrijven dat er daar wel over een tekort gesproken mag worden. Marie Kondo, het lijkt me zo'n type met een gezicht van plastic, dat je gladgestreken en met gebeitelde glimlach zal vertellen over haar methode. Maar zelfs zij zou enige zenuwtics vertonen bij de aanblik van 'cardigans in alle kleuren van de regenboog'. Het enige capsule aan mijn wardrobe is mijn reeks identieke skisokken.

Misschien net daarom dat ik toch een soort van schaarste opmerk als ik in mijn kleerkast sta. Ik heb nood aan rust in mijn hoofd en aan een portie sober en effen, niet aan een kleurenbom. Vandaar. Een relatief sobere jas. In grijze wol, een paar jaar geleden gevonden op een stockverkoop van grotemerkenstoffen. Loodzware stof, heel vast geweven, bijna vilt. Lekker warm en geweldig om mee te werken. Overal met dubbel doorstikte naden, want die gingen wat bol staan door de dikte en waren moeilijk plat te strijken.



Het model is een Lekalapatroon, nummer 4417, en ook niet. Er ging een testjas aan vooraf - wel met de originele lengte - en die bracht naar schatting 703 dingen aan het licht die niet helemaal goed zaten, hoewel het patroon zogezegd op maat had moeten zijn. Dit is dus een behoorlijk aangepast geval, al behield ik wel de mooie kraag en naden in de fronten. 

Om te beginnen kortte ik de boel een flink stuk in. De testjas hangt ook in mijn kast, en twee lange jassen, daar had ik nu niet meteen nood aan.


In korte versie vond mijn lieftallige wederhelft het allemaal wat 'afgesneden' aan de zoom, dus deed hij schoorvoetend de suggestie een rugsplit toe te voegen. Mijn lieftallige wederhelft moet zich vaker moeien, vindt u ook niet?


De kap wilde ik dan weer zelf graag. Omdat dat praktisch is, maar ook wegens het in de volksmond binnenkort vast algemeen aangenomen 'de kleren maken de man, en de voering maakt de jas'. En in dit geval zou ik wel gek geweest zijn om de voering nergens zichtbaar in de jas te stoppen... want ze is warm, zacht, zalig vlot verwerkbaar maar voornamelijk prachtig.



Ik zal mijn rits (ook part of the patroonhack) eens open doen, dan zie je ze beter.


Tadaa! French Terry van About Blue Fabrics, de stoffenlijn van Bambiblauw, uit de botanical garden reeks. Dit stofje is intussen al niet meer verkrijgbaar bij Bambiblauw zelf - naaiend Vlaanderen weet wat mooi is - maar wel bij heel wat andere webwinkels die de lijn ook verdelen.


Voila, in al haar glorie! Ik streek een laagje wattine tegen de stof, en we spraken af dat ze zich zou gedragen als katoen zolang ik aan het werk was, en als French Terry zodra ik de jas droeg. Ze hield woord: ik werkte met plezier met de gewone naaimachine en een stretchnaald/boventransportvoet en doorliep een lang maar bijna vloekloos parcours.


Ik zeg bijna, want bij het toevoegen van de split was mijn schaar overijverig - daar kon die stof natuurlijk niets aan doen - en dat zorgde voor een ietwat afwijkende rugsplitvoering. Ik kan er niet mee lachen in feite, maar het leven is aan de relativatoren. En van alle plaatsen waar de fout had kunnen zitten is 'op mijn derrière' symbolisch gezien misschien wel de beste locatie.


Het dresseren gebeurde met een labeltje en een jaslus volgens mijn intussen vaak beproefde biais/paspelrecept.


De kap is afneembaar en zit aan de kraag met 'onderstebovenknopen'. Er zit een rijtje knoopsgaten in de bovenste stoflaag van de kraag, en de knoopjes aan de onderkant van de kap schuiven daar onzichtbaar in.


Rest er mij nog Oon te bedanken. Voor een mooie dag waarop ze foto's nam. Ik zet me - het zal al dat mooie groen zijn - zelfs even over mijn aversie voor kikkerperspectief. Want, ik zei het al, hier staat een content mens.


donderdag 15 december 2016

Angels are everywhere (free printable)


De kerstdame in mij. Ze is niet onbestaande, ze is aanwezig. Geen fan van overdreven jingle bells, maar ook niet ongevoelig voor punten op sfeer en gezelligheid. Ze start elk kerstseizoen met het traditionele ongenoegen over reeds aanwezig engelenhaar, wanneer het baardhaard des Sints nog zou moeten overheersen. Een ongenoegen dat al even goed bij kerst past als dennengeur en massamoord op te vullen pluimvee.

Als het ongenoegen is opgeborgen, zet de kerstdame een boom. Screent ze zorgvuldig het aanbod aan kerstdecoratie op een overmaat aan rood+groen, en gaat ze kerstig aan de slag. De leidde al tot ietwat eigenaardige taferelen als kerstknikkerbanen of - heel lang geleden - behangvogels. Maar ook tot bruikbare tutorials. Voor rendieren en vrolijke dennenappels en bollen met een kersttafereeltje.

Dit jaar is de groene boom vergezeld van zwart en wit. Het gezelschap is van de knutselende soort, dus ik verzon een maakbaar engelenkoor. In zwart en wit, en tegenlijk in alle kleuren. Want angels are everywhere.




Aan de slag? Op het printje staat een minuscule uitleg in het Engels. Want angels from everywhere op het net, die vinden misschien hun weg naar plaatsen waar hun koor in een andere taal zingt. In het Nederlands klinkt dat zo:

• Print de engeltjes op dik wit papier (bijvoorbeeld 200 g.)

• Knip de engeltjes uit op de lijnen die roze gekleurd zijn op onderstaande figuur. Let er goed op dat je aan de linkerkant nog een stukje van de hals inknipt. Het driehoekje aan de rechterkant van de hals knip je weg.

• Schuif vleugel 1 onder vleugel 2 en laat de gleufjes in elkaar glijden.




Hang je de engel op, dan kan je hem een aureooltje geven.

• Knip het cirkeltje uit en prik een gaatje op de aangegeven plek.
• Prik een gaatje bovenaan in het midden van het voorhoofd van de engel.
• Rijg een eindje garen doorheen het cirkeltje, van boven naar onder, vervolgens door het voorhoofdgat, en dan terug door het cirkeltje langs de onderkant.


Klaar! De kerstdame in me glimlacht, en zingt een stukje mee. Prettige feestdagen!



donderdag 17 november 2016

Versgebakken pandaberen

De zoo die About blue fabrics heet wordt steeds groter! Eén van de paneeltjes uit de nieuwe Happy Nature 4 collectie had een aantal onnegeerbare elementen die smeekten om een plaats in ons huis. 

Sinds een paar maanden hebben we - na een kampeerkookperiode van 10 jaar - een keuken. Hoewel we meestal de tijdloze kaart proberen te trekken in interieurkeuzes, lapten we dat voor een keer vrolijk aan onze laars. We deden van hier&nu&welevenmaar1keer, met een strookje tegels in gridpatroon als spatwand. Onnegeerbaar stofelement 1, geef toe, u ziet het kind bijna niet zitten in haar gridoutfit.


Onnegeerbaar element 2 ging over de verschijningsvorm van de stof. Mooi en vormvast, maar vooral soepel tricot, dat is iets voor Zanne-in-huismodus. Het kind heeft (oh spaar me) nog geen Facebook of Instagram. Maar als ik van die typische quotes tegenkom over het leven der moderne vrouw, dan moet ik vaker aan haar denken dan aan mezelf. Quotes over mantelpakjes op het werk versus bankhangerij in thuismodus, dat is helemaal Zanne. En plein public mag er, tot op het ondergoed en het haarelastiekje toe, geen detail van haar outfit buiten beschouwing worden gelaten. Maar in veilige, warme en vertrouwde oorden kan het voor haar niet huiselijker genoeg.

Het werd een onesie dus. Of zoals Zanne het minder verbloemd omschrijft - de reden dat je in mij geen fan vindt van de exemplaren voor volwassenen - een babypakje. 

Ze duikelde dolcontent door de keuken, mijn baby.


Ik vertelde het al eerder, ze 'zetelt' graag, die Zanne. Wij vangen dat op met esthetisch verantwoorde pyjama's en met TV-truitjes. Maar ik heb de indruk dat ik nog hogere ogen scoor met dit babypak, waarin haar blote out-of-bed-lijf alle bewegingsvrijheid heeft.

Ik dacht dus, laat ik dat bankhanggevoel eens maximaal in het ontwerp stoppen. Dus voor de broek ging ik voor een haremmodel. Het voorpand is asymmetrisch doorgesneden, omdat het me niet mooi leek om een rits te laten stoppen in het midden van een haremkruis. En bovendien vond ik het ook tof om het paneel maximaal te benutten. Ik knipte het volledige witte stuk van de onesie uit 1 patroondeel, dat doorloopt van haar buik over haar zij naar haar rug. 


De mouwen zijn geen echte raglanmouwen maar aangeknipte mouwen die schuin zijn doorgeknipt. The real stuff op homewaregebied dus: veel couchier krijg ik dat niet getekend.


Van elegantie is dan ook geen sprake.


Maar prinsessen lieten vroeger ook liever protjes in hun huispak dan in hun hoepeljurk met corset, nietwaar?


Je zou kunnen denken dat het naaigewijs niet veel comfort gaf, zo'n blinde rits in tricot. Maar aangezien de rek van de stof enkel nodig is voor het draagcomfort en niet voor het aantrekken, haalde ik alle elasticiteit weg op de plaatsen waar ik dat zelf aangenamer stikken vond. Vormband tegen de stofkant waar de rits moest komen, vlieseline in het halsbeleg, en geen sprake van vloeken op tegenwerkende stof tijdens het stikken. Het geheel zat, knippen incl, op anderhalf uur in elkaar.


De mouwen kregen eenvoudige boordjes in hetzelfde antraciete tricot.


Het beleg stikte ik enkel door op de antraciete stukken, omdat ik dat grote stuk grid niet met een stiksel wilde doorbreken.



Voor ik het vergeet: onnegeerbaar element 3 was natuurlijk de pandaprint. Hoewel Livs zebraliefde misschien uitgesprokener is en we bij Zanne eerder dachten aan een bevlieging toen ze naar panda's begon te grijpen, moeten we na een knuffel, een spaarpot, een jurk en een vermelding in ettelijke vriendenboekjes toch gaan geloven dat die panda meer dan een vakantielief is. Ze houdt doorgaans van kleur en nog steeds van een flinke schep roze. Maar is het iets met panda's, dan mag het ook zwart/wit.


Het dier staat helemaal onderaan het paneel, wat hem door dat ene grote patroondeel een plaats bezorgde op de zijkant van haar onderbeen. Daar staat hij, vind ik, net goed.


Doorgaans wordt dat aanrecht trouwens niet gebruikt om kinderen op te fotograferen, maar om op te koken en te bakken. Wat we ook deden. Want bij huispakken horen huiselijke bezigheden, en bij regenwoensdagen hoort de geur van verse baksels.

Dus bakte we een hele stapel decorkoekjes. Liv was chief of koekjesdeeg, Zanne kreeg het uitsteekvormpje en ik ging aan de slag met suikerglazuur en kleurstof. Ik deed langer over deze collectie dan over het naaien van de pandasuit.


We gaan gelukkig nog niet zo ver in de foodfotografie dat er schoensmeer en haarlak overheen gaat om de boel op de foto te krijgen: ze mochten gewoon geconsumeerd. Topidee, vond Zanne.

Panda's zijn mooi. En - oeps - in vier happen op.